Terug naar Kosovo: vlog dag #6, laatste dag

Doordat we vandaag in Prizren echt de toerist hebben uitgehangen, werd vanavond bijna pijnlijk duidelijk hoe ingewikkeld het is wat we willen bereiken in deze week. We willen betrokken zijn en iets maken dat vertelt over de oorlog in Kosovo en daarna. Maar uiteindelijk blijken we toch niet meer dan welwillende toeristen te zijn.

Prizren is wel echt de moeite waard om als toerist te gaan bekijken. Het is een prachtig stadje aan de voet van het Sar-gebergte. En die bergen zijn waanzinnig mooi als je aan komt rijden. Door de stoffige lucht zie je de bergen eerst niet, waarna ze vervolgens heel vaag opdoemen vanuit het niets. En het is er ook echt toeristisch, wat ik ook nog niet eerder zo had gezien hier in Kosovo.

Een aantal doelen van deze reis hebben we laten varen. Zo was er een visrestaurant nabij Prizren waar de rivier door het restaurant liep en je de vis er zo uit kon halen. Ik was daar graag naar toe gegaan, maar het bleek onmogelijk om dat terug te vinden. En het bergdorpje Pakhist net over de grens met Albanië, waar Andries 19 jaar geleden na een verdwaalde tocht was terecht gekomen en een prachtig huwelijksfeest meemaakte, hebben we ook niet meer opgezocht. Het idee was dat dat bezoek een mooi positief doel aan de reis zou geven, maar Andries had groot gelijk dat we het positieve deze week op heel veel plekken al hebben mogen meemaken.

Dus na ons toeristisch uitje kwamen we na een prachtige tocht door de bergen weer voor de laatste keer aan Prishtina. We zijn gaan eten in de Baron waar we voor de derde keer waren deze week. Niets zo conservatief als de mens, maar het is ook fijn – zoals ik in de eerste blog schreef – om het gezichtspunt van waaruit je iets nieuws leert kennen, een beetje te behouden. Maar bij het eten ging het dan toch nog bijna mis op het laatste moment.

Het begon met de ober die het heel druk had en al drie keer had gezegd dat hij er zo aan zou komen. Daarna vroeg ik Andries om te reflecteren op de week en grapte hij dat dat ding ook weer eens uit moest. Met dat ding werd het opnameapparaatje bedoeld waarmee ik de podcast maak. En toen kregen we een gesprek over partij kiezen en dat ik na deze week wel wist voor wie ik partij zou kiezen. Maar Catalijne vond dat waar twee partijen vechten er vast ook twee partijen schuld hebben en dat de waarheid uiteindelijk toch ergens in het midden ligt.

En toen klapte er iets bij mij. Misschien kwam het doordat we morgen weg gaan, of misschien kwam het door de totale ongenuanceerde betekenisloosheid van de uitspraak in mijn ogen, of misschien kwam het wel doordat ik al chagrijnig was, ik weet het niet. Maar dat gesprek bleef wel hangen en toen we weer terug in het appartement waren en de laatste vlog op gingen nemen en er weer een grap werd gemaakt over dat de belangrijke dingen het liefst alleen zonder het opneemapparaatje werden gezegd, klapte het bij mij weer.

Die vlog hebben we uiteindelijk niet gebruikt en nog een keer opnieuw opgenomen en ik denk dat dat ook goed is. Maar het leidde wel nog tot een laatste goed gesprek waarbij er nog enkele dingen gezegd zijn die ik deze week wel miste. Vooral over onze eigen rol in dit geheel. We hebben zoveel mooie ontmoetingen gehad deze week, zoveel bijzondere en vreselijke verhalen gehoord. Maar uiteindelijk stappen wij morgen weer in het vliegtuig terug naar huis en maandag begint er weer een nieuw project. En ik denk dat daar mijn klappen van vanavond zat.

Er staat voor ons zo weinig op het spel. En gelukkig maar. We hebben het heel goed en we hebben geen of nauwelijks vreselijke dingen hoeven meemaken. En zoals Catalijne haar uitspraak waarschijnlijk bedoelde, heeft de andere partij ook weer zijn eigen verhaal en beweegredenen om te doen wat die gedaan heeft. En dat snap ik allemaal wel. Maar het relativeert ook alles kapot in mijn ogen. En relativeren kan heel goed zijn voor als je iets vreselijks hebt meegemaakt en je moet verder. Dan helpt het om te kunnen relativeren. Maar ik denk dat wij, de om-het-zo-maar-te-noemen geïnteresseerde toerist, bij wie niks op het spel staat, de laatste moeten zijn om over dit soort zaken te gaan relativeren. Ik vind het belangrijk dat we deze oorlog in Kosovo niet wegzetten als weer één of andere oorlog met zoveel en zoveel doden en zoveel en zoveel gruwelijkheden. Maar dat we proberen er achter te komen, ook al is het maar voor een fractie, wat daar is gebeurd en wat dat voor betekenis heeft. Met de hoop door het niet te vergeten, in de toekomst wellicht iets van een verschil te kunnen maken.

En dat laatste klinkt dan weer zo hol als het maar zijn kan, maar ik zou niet weten hoe ik deze blog nog enigszins een beetje positief kan eindigen. Jawel, dat weet ik wel! De mensen die ik hier, samen met Andries en Catalijne, de afgelopen week heb mogen ontmoeten, dat zijn ontmoetingen geweest die ik de rest van mijn leven niet meer zal vergeten. En zo heeft dit project er in ieder geval bij mezelf voor gezorgd dat ik deze week en deze mensen, en daardoor ook deze oorlog niet zal vergeten.